Mijn visie op PMDD, PME en het lichaam dat zijn ritme kwijt is
Ik hoor het geregeld. Vrouwen die mij vertellen welk label ze hebben gekregen: PMDD, PME, depressie, angst of burn-out. En bijna altijd volgt daarna dezelfde zin: “Dit verklaart niet wat ik voel.”
Ze voelen dat er iets niet klopt. Ze functioneren redelijk, hebben een drukke baan, een gezin, verantwoordelijkheden. Aan de buitenkant lijkt alles door te lopen. Maar ergens onderweg zijn ze zichzelf kwijtgeraakt die niet zichtbaar is. niet dramatisch. Maar voelbaar. Alsof hun lichaam niet meer met hen meebeweegt, maar hen langzaam is gaan tegenwerken. Wat ik dan zie, is geen stoornis. Ik zie een lichaam dat te lang heeft moeten volhouden. Een systeem dat elke maand opnieuw probeert terug te keren naar zijn basis, maar merkt dat die basis steeds verder weg ligt.
Sommige vrouwen herkennen dit vooral in de dagen voor hun menstruatie. Ze worden emotioneler, sneller overprikkeld, vermoeider, minder helder. Anderen merken dat ze eigenlijk nooit meer echt terugkeren naar wie ze waren. Dat er altijd iets blijft hangen: spanning, onrust, vermoeidheid, zwaarte in het lichaam of hoofd. Niet omdat zij zwakker zijn geworden. Maar omdat hun lichaam minder ruimte heeft gekregen om te herstellen.
Een gezond lichaam beweegt in golven. Het spant aan en laat los, het draagt en herstelt, het past zich aan en keert terug. Maar wanneer die natuurlijke herstelmomenten steeds korter worden, blijft spanning achter. Niet als losse klacht, maar als onder-liggende toestand. Het systeem wordt gevoeliger, reactiever en sneller uitgeput. Dan ontstaan klachten, niet omdat een vrouw te veel voelt, maar omdat haar lichaam te weinig kan loslaten.
Waarom labels vaak niet genoeg verklaren
Voor mij zijn PMDD en PME geen eindpunten, ze zijn tussenstations. Geen identiteit, maar signalen, signalen dat het lichaam zijn interne timing is kwijtgeraakt. Dat het niet meer weet wanneer het veilig is om te herstellen en wanneer het moet blijven dragen.
Het verschil tussen deze labels zegt in mijn ogen vooral iets over hoe zichtbaar de ontregeling al is geworden - niet over hoe echt de ervaring is. Pijn, emotionele ontregeling, vermoeidheid of prikkelgevoeligheid zonder duidelijke medische afwijking zijn niet minder werkelijk dan klachten mét een diagnose. Wat veel vrouwen diep van binnen voelen, maar zelden zo horen terugkrijgen, is:
“Mijn lichaam werkt niet meer met mij samen.” En precies dát gevoel neem ik serieus.
Hoe ik kijk
Ik kijk niet alleen naar symptomen. Ik kijk naar hoe een lichaam spanning verwerkt, hoe het herstelt, hoe het terugkeert naar rust - of dat juist niet meer kan. Ik zie klachten niet als fouten, maar als signalen van een systeem dat te lang zonder voldoende herstel-ruimte heeft gefunctioneerd. Niet om vrouwen te vertellen dat er iets mis met hen is, maar om te erkennen dat hun lichaam iets probeert te beschermen.
Wat dit voor jou kan betekenen
Misschien herken je jezelf hierin. Misschien functioneer je, maar voel je je niet meer echt aanwezig in je lichaam.
Misschien voel je je scherper, emotioneler, sneller uitgeput dan vroeger. Misschien herken je jezelf vooral in je klachten, niet meer in je rust. Dan is er niets mis met jou. Dan is je lichaam waarschijnlijk gewoon te lang sterk geweest. Je klachten zijn geen karaktertrek, geen mentale zwakte, geen gebrek aan discipline. Ze zijn een signaal van een systeem dat meer draagt dan het kan loslaten.
Waar herstel voor mij begint
Ik geloof niet dat herstel begint bij het juiste label. Ik geloof dat herstel begint wanneer een lichaam weer mag ervaren dat het niet voortdurend hoeft te dragen. Dat het ook weer mag landen. Dat het weer mag terugkeren naar zichzelf. En niet door het lichaam te forceren. Maar door het weer te leren vertrouwen op zijn eigen ritme. Herstel is het moment waarop een lichaam weer voelt: ik mag hier zijn, zonder spanning vast te houden. En precies daar begint voor mij echte zorg, niet bij de naam van je klacht, maar bij jou.